vrijdag 10 januari ‘Een hip avontuur’

Helemaal mee met mijn tijd download ik een appje en boek een bus ticket. Ok, eerlijk is eerlijk, het waren er twee maar het eerste ticket boekte ik een dag te vroeg en zo’n ticket blijkt maar 24 uren geldig maar goed, beter een ticket te veel dan te weinig, nietwaar?

In de gietende regen zoek ik de bushalte in het dorp want omdat ze net een supermarkt hebben gebouwd blijkt die nu tijdelijk ergens anders te zijn dus ik spurt door de regen, mijn valies op wieltjes achter me aan vliegend. Net op tijd.

Maar niets kan mijn opgewekt gemoed temperen en ik duw fier mijn gsm onder de neus van de buschauffeur die me erop wijst dat ik mijn elektronisch bus ticket nog niet gevalideerd heb. Shit, shit, en mijn vingers zijn nat, en ik heb hier geen ontvangst en ik voel al die ogen op mij gericht. Ok, dan maar snel een ticketje kopen dus ik kieper mijn handtas om op zoek naar kleingeld.

Vervolgens hoor ik: ‘Dat mag niet mee op de bus’ en de buschauffeur wijst naar mijn valies. ‘Ah bon, en wat nu?’ zeg ik bedremmeld. ‘Dat moet in de bagageruimte’ zegt hij. ‘Ah’ zeg ik. ‘En u moet dat zelf doen’ zegt hij. ‘Ah’ zeg ik weer wanneer hij de deuren opnieuw openzwaait. En ik doe echt mijn uiterste best maar in de bagageruimte zit alles bomvol met kinderwagens en andere kletsnatte valiezen, dus komt de buschauffeur uit zijn cabine om met een stampende voet wat plaats te creëren.

Ik grinnik schaapachtig en zeg ‘merci’ en zie in mijn ooghoeken allemaal gezichten die me aangapen vanachter een aangedampt raam en ik kan het rollen van hun ogen gewoon horen. En ik ben zo dankbaar dat mijn jongens niet op deze bus zitten want die waren al door de grond gezakt van schaamte.

Maar met rechte rug en nog steeds evenveel goesting betreed ik de bus en zoek met mijn ogen een zitplaats. En dan schieten ‘de regels van het kiezen van de juiste zitplaats’ weer door mijn hoofd. Zo zijn er o.a.:

  • Niet uit medelijden naast een sjofele medemens gaan zitten waar iedereen duidelijk zichtbaar ver van uit de buurt blijft want de kans is groot dat dat een alcoholieker is die in zijn/haar broek heeft geplast en heel de rit in uw oor blijft lallen tot ge doof zijt en dronken van zijn/haar adem.
  • En pas ook op voor die immer goedgezinde medemens, meestal vrouwelijk van geslacht, die uw ogen probeert te vangen want die stelt u niet alleen vragen tot uw oren eraf vallen maar ge zijt ook verplicht om voor al uw medereizigers uw eigen levensverhaal uit de doeken te doen want die immer vrolijke medemens stelt te veel vragen, spreekt net iets te luid en heeft veel te veel te vertellen.
  • En oh ja, let ook op voor die man met zijn opengesperde benen. Die gaat geen centimeter inboeten als ge ernaast gaat zitten dus gaat ge heel de reis zo’n krampachtige gewrongen houding moeten aannemen om een minimum aan private space te vrijwaren.

Dus mijn oog valt op een lege stoel naast een jong meisje, een beetje weggedoken tegen het raam met een roze koptelefoon op in de vorm van duivelshoorntjes. Genoeg plaats, geen onnodig geleuter en een snuifje rock’n roll. Bingo! Ik stap opgewekt en glimlachend op haar toe en zie dat ze nog meer in haar grote jas kruipt. Ik bedenk me dat ik er waarschijnlijk nu zelf als één van die geschifte moeders uitzie: doorweekt, de bus een kwartier vertraging bezorgt en toch blijven lachen. Ik laat snel mijn mondhoeken zakken.

Ondertussen is iedereen weer druk op zijn scherm aan het staren. Ik kan het niet laten en probeer over mijn schouder naar mijn medepassagier haar scherm te kijken. En tuurlijk is dat ‘not done’ dat weet ik ook wel. Het is zoals in het dagboek van uw puberdochter bladeren of op een slecht moment binnenwandelen in de kamer van uw tienerzoon. Dus ze kijkt me streng aan en draait zich weg. Nu ben ik een volwaardige creep.

Ik denk mijmerend aan de tijd toen ik nog elke dag het openbaar vervoer nam. Altijd in het gezelschap van mijn fluo gele walkman. Hoe ik jaren naar cassetjes stond te luisteren op het perron van Berchem Station en o.a. Guns n’ Roses veel te luid en veel te schel door de moeskes tegen mijn oren raasden en dat ik één moeske met een tutterfrut had moeten vastmaken omdat het losgescheurd was. En hoe grauw de Driekoningenstraat altijd leek als ge zo van boven naar beneden keek.  En dat de tunnel onder het station ooit super nieuw en hip was geweest en nu ook al even grauw eruitziet als de rest en dat het in al die jaren nog geen haar veranderd is en …

Ik schrik wanneer de buschauffeur me tegen de schouder port: ‘Madame! (Ja, zo word ik tegenwoordig zonder enige aarzeling overal aangesproken) moet u niet afstappen?’ Ik kijk verdwaasd rond. De bus staat midden op een weg in hartje Marseille. Helemaal leeg. Ik moet in slaap zijn gevallen met Guns n’ Roses. Met het schaamrood op mijn wangen stap ik uit, ga ik op zoek naar mijn valiesje in de nu lege laadruimte en stamel nog zoiets als ‘Ja sorry, het is mijn eerste busreis hier in Frankrijk’.

Het mag nu wel duidelijk wezen: hip ben ik zeker niet (meer) maar een avontuur was dit ritje naar Marseille zeker en vast!

Leave a Reply

Your email address will not be published.

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.